The Big Trip

Juli 2

Woensdag 16 juli 2008

Op onze eerste rit in 2006 hebben we al veel gezien en gedaan in Mt Isa en we beperken ons nu tot boodschappen doen en ik ga de website uploaden en de computers updaten. ’s Middags rijden we nog even langs de vernieuwde Lookout voor een overzicht van Mt Isa en gaan de auto en caravan klaarmaken voor vertrek.

Donderdag 17 juli 2008

We vertrekken op tijd want we willen doorrijden tot Barkly Homestead. Het is even over half acht als we de Barkly Hwy opdraaien richting Camooweal. Dat is de grens tussen Qld en NT. Het is 190 km en de weg is mooi en we hebben geen last van Road-Trains. Om 10 uur zijn we bij Camooweal, een mooi Road House met caravanpark en een enorme parkeerplaats waar Road-Trains kunnen parkeren en omkoppelen. Het is een leuk gezicht als een truck met opleger aankomt en van de daar geparkeerde oplegger weer een Road-Train maakt. We drinken koffie en nemen een boterham en een half uur later vertrekken we weer en tien minuten later passeren wij de grens met NT. De klok gaar weer een half uur terug en we gaan verder met de volgende 265 km naar Barkly Homestead. Om half twaalf zijn we bij Avon Downs Police Station. Er is een mooi restarea met toiletten en voor vermoeide chauffeurs gratis koffie. Voor we verder gaan neem ik nog een paar foto’s van oude stoommachines die daar staan en ineens doet de camera het niet meer. De lens blijft uit staan als ik hem uitzet en als ik hem weer aanzet krijg ik een paar piepjes en een foutmeldingsnummer. De foto’s die gemaakt zijn kan ik gelukkig wel zien maar nieuwe maken gaat niet meer. Dat is balen, Mt Isa is driehonderd km terug en de eerst volgende plaats waar we iets zouden kunnen doen is Katherine, een leuke 1000 km verderop dus. We zijn allebei doodziek maar je moet wel verder. Het uitzicht is geweldig en bij ieder mooi object vraag ik Ineke om even een foto te maken. Voor haar is het afkicken, zolang als wij onderweg zijn zit ze onder het rijden met het toestel in de hand en knipt als ze denkt dat het iets kan zijn. Ze heeft nu wel veel meer tijd om koekjes en snoepjes aan mij te geven. Om drie uur rijden we bij Barkly Homestead het caravanpark op, hier blijven we maar één nacht. We tanken de auto zodat we dat niet in de ochtend hoeven te doen al is het wel een schrikken als we zien dat het hier $2,35 per liter kost. Duwen is ook geen optie dus gooien we hem maar gewoon vol.

Vrijdag 18 juli 2008

We gaan maar weer vroeg op pad, omdat we vorig jaar de Stuart Hwy Adelaïde – Darwin tweemaal gedaan hebben gaan we nu rechtsaf over de Tablelands Hwy naar Cape Crawford waar we bij het Heartbreak Hotel op het caravanpark gaan staan. We komen dan pas bij Daly Waters Inn op de Stuart Hwy in plaats van bij Treeways. We rijden de poort uit en moeten gelijk rechtsaf de Tablelands Hwy op Ineke schrikt want de weg begint al gelijk met één baantje asfalt in het midden en dat zou de hele 380 km zo blijven. Ineke kan “rustig” blijven zitten en zich vasthouden, het fototoestel is kapot dus heeft ze verder niets anders te doen dan mij van eten en drinken te voorzien. Er zijn delen geweest waarvan mensen zeiden dat er niets te zien was. Van deze rit kan ik nu zelf zeggen dat er niets maar dan ook echt niets te zien is. Een vlakke kale vlakte zover als je kan kijken met langs de weg nu meer dooie koeien in plaats van kangaroes. De Road-Trains die vaak ’s nachts rijden kunnen gewoon niet stoppen als er ineens een koe of kangaroe voor de auto staat. Het is knap dat die koeien zich hier in leven kunnen houden. Het zijn vaak de jonge dieren die het slachtoffer worden omdat ze te nieuwsgierig zijn, de oudere koeien gaan op tijd de weg af als wij aankomen. De dooie die langs de kant liggen worden door de vogels opgeruimd en ze laten een lege lap leer met horens achter omdat ze die niet weg krijgen. Van de kangaroes blijft alleen het geraamte achter. Zes uur later rijden we het park bij Heartbreak Hotel op. Je blijft lekker wakker als je 380 km over een smal asfaltbaantje moet rijden en zelfs Ineke gaat er al een beetje aan wennen. Ineke raakt op het park aan de praat met een Nederlands stel die 6 maanden door Australië rijden met een ford Falcon stationwagen. Het zijn Wim en Anneke en die komen gezellig ’s avonds een glaasje drinken. We krijgen van hun een paar foto’s omdat zij dezelfde trip hebben gemaakt als wij, hebben we gelukkig toch nog een paar foto’s.

Zaterdag 19 juli 2008

We zitten nu op de Carpentaria Hwy die gaat van Daly Waters naar Borroloola. Ik dacht, omdat het een aanvoerweg naar Borroloola is, dat die weg beter zou zijn. Niet dus, op enkele stukken die te gevaarlijk en te onoverzichtelijk zijn, is twee banen asfalt gelegd. Het is 270 km opletten, halverwege komen ons enkele auto’s en caravans tegemoet en moeten we tweemaal van de weg voor een tegemoet komende Road-Train en tweemaal voor Road-Trains die ons inhalen ondanks dat wij 90 km per uur rijden. Het is alweer middag als we HI-Way INN caravanpark oprijden. We hebben hier vorig jaar op onze rit naar Darwin ook gestaan. We hadden in Barkly Homestead de tank gelukkig helemaal vol gegooid, want bij Heartbreak Hotel kon je maar voor $50,-- diesel tanken maar toen wij gingen tanken was na 14 liter de pomp leeg en moest iedereen die diesel moest hebben, wachten tot dinsdag, omdat dan pas weer nieuwe voorraad gebracht zou worden. Met een prijs van $2,40 per liter krijg je dan niet echt veel, maar voor ons was het genoeg om naar Daly Waters te komen.

Zondag 20 juli 2008

We zijn op weg naar Katherine via de Stuart Hwy. Wel erg luxe zo’n brede weg. Het is “maar” 280 km naar Katherine en we hebben geboekt voor drie nachten op het Rivervieuw Caravanpark. Een leuke rit en we stoppen in Mataranka en halen de beroemde “Mataranka Meat Pie”. Ze waren niet goedkoop, logisch want ik denk dat er bijna een pond vlees inzat. Ineke kreeg hem niet op en gedienstig als ik ben heb ik de rest van haar Pie ook maar op gegeten. We zijn om half twee op het caravanpark, het is compleet volgeboekt en de plaatsen zijn zo krap dat de awning niet eens helemaal uitkan. Het is zondag en omdat de meeste winkels toch dicht zijn nemen we voor de rest van de dag vrij.

Maandag 21 juli 2008

We gaan eerst naar het centrum om te kijken of onze camera gemaakt kan worden en anders moeten we maar een nieuwe kopen. Het wordt toch een nieuwe, gelukkig wel weer een Canon, dan kan ik dezelfde programma’s gebruiken en Ineke hoeft geen nieuwe dingen te leren want hij werkt hetzelfde als de oude. Ineke gaat als we terug zijn een duik nemen in de Katherine Hotsprings, daar kan je vanaf het caravanpark naar toe lopen en ik ga een beetje schrijven en de camera uitproberen. Wim en Anneke zijn ook aangekomen en zijn met Ineke naar de Hotsprings geweest en komen gezellig bij ons eten. Na het eten ga ik met Wim op de computer gouwe ouwe muziek en cabaret draaien en voor we het weten is het half twaalf en tijd om te gaan slapen.

Dinsdag 22 juli 2008

We gaan vandaag naar Edith Falls, we hebben er veel over gehoord dus gaan we maar eens kijken of het allemaal wel waar is. We hebben weer een camera dus Ineke is weer fotograaf onder het rijden. Het is 60 km en er is genoeg te zien om de rit de moeite waard te maken. Het parkje rond de pool waar de waterval in stroomt, is prachtig onderhouden. Het water is kraakhelder en je kunt de visjes zien zwemmen. De waterval zelf valt een beetje tegen, in Lichtfield Park waren ze veel mooier. Tijdens het regenseizoen moet het wel een prachtig gezicht zijn als al dat water langs de rotsen naar beneden komt maar nu het droog is, is van de waterval maar een klein valletje over. We drinken nog even koffie op het terrasje en gaan maar weer terug naar de caravan. Aan het eind van de weg voor we de Stuart Hwy opdraaien staat er een busje met drie backpackers. Ze vragen of wij misschien een pomp hebben, natuurlijk heb ik die, naast alle andere reserve onderdelen en gereedschap. Zij hebben een lekke band en het reservewiel is zacht om mee te kunnen rijden. Één jongen pompt tot het water langs zijn hoofd loopt terwijl de andere twee (en ik) er rustig bij staan te kijken. Het is maar een handpomp maar wel een grote, en als je zo langs de weg staat en je hebt zoals deze jongens al vier mensen aangehouden die niets hadden en één takelwagen die net deed of hij ze niet zag, dan ben je stik gelukkig. En dat waren ze ook, we worden hartelijk bedankt en wij waren blij dat we hun konden helpen. Thuis gaat Ineke weer naar de Hotsprings en ik ga foto’s maken van haar zwemkunsten. Terug op het park hebben we nieuwe buren gekregen. Het zijn Peter en Conny, geboren in Nederland en met hun ouders naar Australië gekomen toen ze twee en drie jaar oud waren. Zij waren naar Arnhemland geweest bij de Aboriginals. Een kennis van hun is daar monteur en zodoende konden zij een kijkje van dichtbij nemen. Ze hadden een originele speer en een Didgeridoo en twee panintings, gemaakt op canvas, prachtig om te zien. Ze vertelden het hele verhaal en het was interessant om te horen hoe het er daar aan toeging. Ineke was intussen opgedroogd en eten we vlug want Wim en Anneke gaan morgen weer verder en we zouden bij hun voor koffie en een drankje gaan. Ze leven in hun stationwagen en voor noodgevallen hebben ze ook nog een tentje. We nemen volgens goed campinggebruik onze eigen stoelen mee en hebben een gezellige avond.

Woensdag 23 juli 2008

We hebben geboekt voor de ontbijttrip door de Katherine Gorge. We moeten er om kwart voor zeven zijn want de boot vertrekt om zeven uur. Omdat we niet precies weten waar we moeten zijn en het is ook nog 30 km rijden, vertrekken we om kwart over zes. Het is nog donker dus groot licht en niet te hard rijden want op de vroege morgen een kangaroe op de motorkap is ook niets om naar uit te kijken. Het staat wat slordig aangegeven maar na een korte wandeling zijn we toch op tijd bij de boot. Onze schipper is een echte bushman en met zijn hoed en grote baard lijkt hij een beetje op mijn broer. Het is een gezellige prater en we krijgen uitleg over het ontstaan van de Gorge en de krokodillen die daar leven en op de vele strandjes hun eieren begraven. Er staan bordjes dat je daar weg moet blijven, maar je kan die trip ook met een kano maken en aan de voetsporen kan je zien dat veel kanotoeristen niet kunnen lezen. Onderweg krijgen we ontbijt en terwijl de schipper blijft vertellen komen we aan het eind van het eerste deel. We moeten nu een kleine wandeling maken naar het tweede deel waar we weer in een andere boot gaan om het tweede deel van de Gorge te bekijken. De foto’s geven een beter beeld van de reis dan wat ik kan beschrijven. Je voelt je wel erg nietig als je langs de enorme rotsen omhoog kijkt en met de opkomende zon is het licht geweldig om foto’s te maken. Om half tien zijn we terug bij de caravan en net op tijd om Wim en Anneke uit te zwaaien. Ik ga nog even schrijven want ik ben nog steeds achter met ons reisverslag. Ineke gaat nog wat boodschappen doen en ik ga ’s middags de auto aftanken. Ons bezoek aan Katherine zit er weer op en ik maak alvast wat dingen in orde voor morgen.

Donderdag 24 juli 2008

We gaan verder richting Western Australia, en omdat we de 550 km naar Kununurra in één keer teveel vinden, maken we een stop in Timber Creek. Het is toch wel rustiger rijden op asfalt met dubbele banen. Je kan iets meer genieten van de omgeving, de koeien die gewoon langs de weg lopen daar ga je aan wennen. Al blijven ze mooi om te zien je blijft toch opletten of er niet één de verkeerde kant opgaat, ze kunnen meer schade maken dan een kangaroe. We passeren Victoria river, daar is ook veel te zien maar we kunnen niet alles gaan bekijken want dan zijn we over tien jaar nog niet in Mortlake. Het ligt net als Timber Creek langs het Gregory National Park dus de omgeving wordt steeds mooier om te zien. Er zijn onderweg veel stukken die in de regentijd onder water staan en verkeer onmogelijk maakt. Daarom worden veel lage stukken verhoogd door nieuwe bruggen te maken zodat het water weg kan en het verkeer toch door kan rijden. We nemen een ijsje op het terras en gaan aan de laatste 90 km naar Timber Creek beginnen. Om één uur zijn we bij Timber Creek, een grote naam voor een paar huizen, twee caravanparken, een benzine pomp waar de diesel $2,14 per ltr kost en een Hotel met supermarkt. We nemen het eerste caravanpark en zoeken zelf een plaatsje. Ineke begint alvast met het eten, want alles moet op of gekookt zijn, want als we morgen bij de grens zijn mogen we niets mee nemen. Aardappelen, groente, fruit, honing en nog een rijtje van die dingen mogen niet mee de grens over.

Vrijdag 25 juli 2008

We zijn toch vroeg op dus vertrekken we maar op tijd. Net buiten het park staat er een bord voor een plaats met uitzicht over de Victoria River. Je mag niet op of over de brug want die is van Defensie. Het is nog geen acht uur, heerlijk rustig en fijn licht voor mooie foto’s van de rivier. De weg is vlak en recht zover als je kan kijken. De markeringspalen aan de kant van de weg geven in de regentijd aan hoe hoog het water staat. Het is niet te begrijpen hoeveel water hier dan naar beneden komt. De natuur moet hier in al die miljoenen jaren geweldig te keer zijn gegaan. Aan de bergen is te zien hoe de erosie de sporen op de rotsen heeft achtergelaten, net of er met een liniaal een streep op is gezet. Het is hier ook het land van de Boab tree, een boom die mooi is door zo lelijk mogelijk te zijn. De kanten van de weg worden door gecontroleerd afbranden schoongehouden en zodoende kan je eventuele dieren aan zien komen. Het is nog 20 km naar de grens maar de eerste borden staan er al van wat je allemaal niet mee mag neen naar Western Australia. Ineke heeft alles gekookt en gebakken wat verboden is om mee te nemen en net voor de grens eten we het laatste op. Het is echt een serieuze check om de grens over te mogen. Er wordt een lijst ingevuld en in de auto en caravan alles na gekeken. In de kasten de laden en de koelkast en onder het bed. Wij hadden alles netjes opgegeten dus konden zonder problemen om half twaalf de grens over. Gelijk hebben we een voordeel, de klok moet anderhalf uur terug en is het weer tien uur, het verschil met Melbourne is nu twee uur. De auto’s mogen hier niet harder meer dan max. 110 km p u en de Road-Trains mogen 53.5 mtr zijn. Hier beginnen de Kimberly’s en de bergen rondom zijn prachtig om te zien. We hadden niet van tevoren geboekt en kunnen in Kununurra pas bij het derde caravanpark een plaatsje krijgen. We hadden geluk want het was het enige plaatsje dat over was. We hebben doordat de klok is teruggegaan een lekkere lange dag en ik ga ‘s middags alvast een beetje rondrijden. Het plaatsje is niet zo groot maar ziet er wel gezellig uit en als ik langs een bord “Lookout” kom rij ik de berg op om even te genieten van het uitzicht.

Zaterdag 26 juli 2008

We hebben drie nachten geboekt en gaan eerst de voorraden weer eens aanvullen. Aardappelen groente en fruit is, door de strenge grenzen, allemaal op en ik wil ook de eerste update van juli klaar maken en uploaden. Bij de winkels komen we Peter en Conny tegen en wij worden uitgenodigd om bij hun een drankje te komen drinken. Zij staan op een ander park niet ver bij ons vandaan. We zijn er om half vijf en hebben een gezellig happy hour.

Zondag 27 juli 2008

Ineke gaat de was doen en ik de website. We hebben hard gewerkt en nemen een vroege lunch. We gaan naar Lake Argyle, een rit van 70 km. De dam in de Ord rivier is 68 mtr hoog en 355 mtr lang en is aangelegd in 1971 en zodoende is het grootste door mensen aangelegde meer ontstaan, het heeft een totale oppervlakte van  1000 km² en is daarmee het grootste zoetwater reservoir in Australië. Het wordt gebruikt voor de watervoorziening van Kununurra en verder hoofdzakelijk voor de irrigatie van de landbouw die een dominante plaats heeft in dit gebied. In 1979 werd diamant gevonden bij Lake Argyle en daar is nu de grootste diamantmijn in de wereld. Het maakte dat Kununurra nu steeds vaker door toeristen bezocht wordt. De omgeving is prachtig om door te rijden. We stoppen nog even bij de Dead Horse Spring en als we weer over een bergtop komen, zien wij het meer in de verte liggen. Een dam aanleggen tussen twee bergen om zo een meer te maken is wel een hele onderneming geweest. Adembenemend om langs te rijden en vanaf de verschillende Lookouts te bekijken.

Maandag 28 juli 2008

Ik ga de update van onze website doen bij de Backpackers. Er staan 5 computers en er is wireless voor de mensen met een laptop. Een fijne verbinding en na een uurtje doorwerken is alles klaar. Het is weer onze laatste dag hier en we gaan nog even kijken naar de beroemde irrigatie kanalen waardoor de landbouw hier zo goed is. We rijden langs enorme akkers en boomgaarden die er prachtig uitzien doordat er water genoeg is. Aan het eind van de asfaltweg staan waarschuwingsborden dat de Ivanhoe Crossing op eigen risico overgestoken kan worden en dat het voor zware auto’s en P plate chauffeurs ( minder dan 3 jaar een rijbewijs) verboden is. Wij mogen het wel maar doen het niet maar maken foto’s van de prachtige omgeving en van een paar actieve vissers. De rivier stroomt het hele jaar door en is een favoriete visplaats. Op de terugweg stoppen we bij de Ivanhoe Farm voor groente en fruit, de meloenen zijn maar $1,-- per stuk en smaken geweldig.

Dinsdag 29 juli 2008

Het is maar 100 km naar Wyndham en omdat we niet weten hoe de bevoorrading daar is hebben we de auto volgetankt en haalt Ineke nog een extra brood zodat we geen gewicht hoeven te verliezen. De rit gaat door een prachtig, op sommige stukken ruig, landschap. De borden die waarschuwen voor het gebruik van vuur dat de omgeving in de brand zou kunnen zetten, zijn mooi en grappig om te lezen en maken heel duidelijk wat de bedoeling is. We gaan de verschillende dingen die we nog willen zien voorbij en gaan eerst naar het caravanpark. Sightseeing gaan we later doen zonder caravan. Om half elf rijden we Wyndham binnen. Bij het binnenrijden worden we begroet door een enorme 20mtr lange krokodil. Welkom, ik zwaai vriendelijk terug, je wil toch vrienden blijven met zulke vreemde dieren. Er is geen keus, er is maar één caravanpark in Wyndham en het is te zien dat er geen concurrentie is. Het park heeft betere dagen gekend, de opzet is best leuk en je kan zien dat er bij de opbouw over is nagedacht. Slecht onderhoud en alles een beetje vervallen. Een paar permanente bewoners, sommige in vervallen onderkomens. De prijs is $25,-- per nacht en bij boeking van 3 nachten is de 4e gratis, we gaan dus 4 nachten blijven. Wyndham heeft 1100 inwoners en ligt aan de Cambridge Gulf. Deze Gulf is de plaats waar de grootste zoutwater krokodillen ter wereld leven en er wordt overal gewaarschuwd om bij de mudflats weg te blijven. We hebben de caravan opgezet en ik ga even rondrijden om te kijken voor een plek om te vissen. De haven van Wyndham ligt 6 km verder en het is te zien dat er veel gedaan wordt om het aanzien een beetje op te poetsen. De haven wordt gebruikt voor aanvoer van brandstof en materiaal voor de mijnbouw en voor export van levend vee. Vroeger was hier het abattoir, gebouwd in 1913 en in 1986 gesloten. De nieuwe haven is gebouwd in 1961 en heeft een kade van 314 mtr. Er komen gemiddeld 100 schepen per jaar, schepen groter dan 500 ton worden binnengebracht door een havenloods en mogen max. 26000 ton zijn. Er is een nieuwe Jetty tussen twee boatramps in bevestigd aan lange palen. Het water gaat hier 7 mtr op en neer en de laag op het water liggende Jetty wordt gebruikt bij het te water laten en binnen halen van de visboten. Misschien een leuke plek om te vissen, later op het caravanpark sprak ik een man die twee uur na mij bij de Jetty was en er werd hem gezegd bij de Jetty weg te blijven, hij vroeg waarom en toen zag hij een krokodil van zeker 3 mtr voor de Jetty heen en weer zwemmen. Ik denk dat ik mijn visavontuur hier maar even vergeet.

Woensdag 30 juli 2008

We gaan vandaag naar de Five Rivers Lookout. Een steile weg met tussendoor verschillende parkeerplaatsen met uitzicht over de omgeving. Op de top van de berg is de weerradar van Wyndham. Er zijn picknickplaatsen en een prachtig uitzicht over de rivieren, de haven en de Crocfarm. Op weg naar beneden nog wat foto’s (je blijft knippen met zo’n grote kaart) en gaan verder naar “The Grotto” Een waterval met een trap van 140 treden naar beneden. Het is 40 km en het laatste stukje gaat de berg op. De waterval is net als de meeste hier in het noorden gewoon een val. Water is er pas als het regent en als je bedenkt dat de gemiddelde regen hier 700 mm is (maar dan ben je hier niet) dan zal het zeker een prachtig gezicht zijn. Ik loop wat langs de rand en maak foto’s, heel diep beneden kan je water zien glinsteren tussen de vele bomen. De trap is heel natuurlijk langs de rots, met stukken rots, geleidelijk naar beneden gemaakt. Ik vraag aan een hijgend echtpaar of het mooi was, “ja, maar wel erg steil” ik geloof hen op hun woord en hou het bij foto’s maken van bovenaf. Het was een leuke dag.

Donderdag 31 juli 2008

We gaan vandaag naar de Crocfarm, ze zijn open van 10 tot 14 uur en de krokodillen worden gevoerd om 11 uur. De eigenaar van de farm is drie jaar geleden overleden en sindsdien heeft het werk stil gelegen en is er veel verkocht. Een groep aandeelhouders heeft het nu gekocht en er wordt hard gewerkt om de boel weer op te knappen en het fokken weer op gang te brengen. De krokodillen worden hoofdzakelijk gefokt voor de huid, de buik wordt geëxporteerd naar Frankrijk en het vlees in Australië. De rondleiding wordt gedaan door Jim, hij heeft een emmer met kippenpoten en een bakje gehakt voor de kleintjes. Hij kan heel leuk vertellen en is zo eerlijk om te zeggen dat voor de echt spannende dingen het nu te koud is. Het is tenslotte winter al is de 36 graden vandaag voor ons genoeg om te zweten. De krokodil is een koudbloedig dier dat in het natte seizoen, als de humidity erg hoog is en de watertemperatuur stijgt, pas goed tot leven komt. De verhalen die hij daarover verteld zijn erg leuk. Zo van dichtbij zijn ze toch wel erg groot en die bek kan erg ver open. Ik geloof Jim wel dat ze nu met dit weer erg traag zijn maar ik wil niet meten wie van ons sneller kan lopen. Ook het feit dat hij ze echt met de kippenpoten op de bek moet slaan voor ze bijten, kan mij niet van gedachten doen veranderen. Wij houden het maar bij het kopen van Fish and Chips, daar zijn we door mijn vangtalenten toch al aan gewend. Een leerzame ochtend en terug bij Wyndham gaan wij nog even langs bij de bakker. Toen wij hier aankwamen leek het of de bakker gesloten was, donker en met traliehekken voor de ramen en de deur. Het valt wel op dat hoe verder je in Australië naar het Noorden gaat, des te meer tralies, stalen rolluiken en prikkeldraad je ziet. Dat is waarschijnlijk om de kangaroes buiten te houden ;-)) Ik denk niet dat we hier snel terug zullen komen, ook al doen ze erg veel om het toerisme te bevorderen, maar ik had het niet graag willen missen.

Will be continued

 

Klik hier voor de foto's van juli deel 2

Index    Inleiding      Vergelijk

Update van deze pagina Wednesday 06 August 2008